‘Met een beetje vrijheid kom je tot bloei’
‘Dat geldt voor kinderen, maar ook voor volwassenen', zegt Theun Laurant, vestigingsmanager bij sport-bso Vijfkamplaan in Eindhoven.
Had je Theun een paar jaar geleden verteld dat hij ooit als leidinggevende zou werken, dan had hij het nooit geloofd. ‘Ik dacht altijd: dat is niets voor mij. Maar naarmate je ouder wordt, wil je ook op persoonlijk vlak groeien en uitgedaagd worden. Die ruimte wil ik mezelf ook geven.’
Voordat Theun als vestigingsmanager begon, werkte hij in de ggz met jongeren met gedragsproblemen. ‘Ik was nog niet helemaal thuis in de bso-wereld, want ik heb zelf geen kinderen’, zegt hij. ‘Maar met mijn achtergrond in psychologie en als voetbalcoach, sloot de vacature van vestigingsmanager bij Korein, perfect aan.’
Ontdekken
Het grootste verschil met zijn vorige werk? De leeftijd van de kinderen, en alles wat daarbij komt kijken. ‘Ik ben van 18-jarigen naar 4- tot 12-jarigen gegaan. Ik ben al sinds mijn vijftiende voetbaltrainer, dus ik heb altijd graag met kinderen gewerkt.’
De jongeren met wie hij eerder werkte, weten het vaak al beter. ‘Zij zeggen sneller: hier heb ik geen zin in. Maar kinderen vanaf een jaar of 10, die zijn nog écht aan het ontdekken. Ze zijn nieuwsgierig. Die vrijheid van ontdekken zie je in alles terug.’ Volgens Theun ontstaan daardoor ook de beste gesprekken.
‘Ik heb hier geen kantoor, maar zit gewoon in de kantine op mijn laptop. Als ik moet bellen, ga ik soms even het schoonmaakhok in, dat is alle privacy die er is. Maar ik houd van die reuring. Dan komen kinderen naar me toe met: “Meester Theun, zullen we galgje spelen?” En als ik daar tijd voor heb, doe ik dat graag.’
Soms komen kinderen ook met andere vragen. ‘Dan worden ze naar mij gestuurd omdat iets niet mag of kan, en dan willen ze weten waarom niet. Door die waaromvragen ga je heel snel de diepte in. Dat vind ik een fijne manier van gesprekken voeren. Die speelse vrijheid van kinderen past gewoon goed bij me.’
Energie
Theun werkt nu enkele maanden bij Korein. De eerste weken als vestigingsmanager waren meteen intensief. ‘Het liefst begin je je eerste weken met veel luisteren en observeren. Een beetje in de systemen rondneuzen en gesprekken voeren met de assistent-vestigingsmanager en je team. Maar dan gebeuren er ook gewoon dingen. Gaat er in de avond ineens een brandalarm af, terwijl je net thuis bent. Dat moet dan wel opgelost worden.’
Dat zijn niet de enige ‘dingen’. Want er zijn flink wat uitdagingen op de vestiging. Personeelstekort is er een van. Daardoor moet er veel worden opgevangen en dat is best hectisch. ‘Vorige week hebben we tijdens een teamuitje opgeschreven wat er wel en niet goed gaat. Met thema’s als veiligheid, communicatie, team en ouders als rode draad. Ik krijg enorm veel energie van dit soort sessies, en hoop dat we een aantal zaken snel kunnen aanpakken.’ Op de vraag waar hij zijn team over een aantal maanden ziet, grinnikt hij: ‘Het liefst op het strand.’
‘Maar zonder gein: ik hoop vooral dat we gezamenlijk de verantwoordelijkheid kunnen dragen voor de vestiging. Dat het team zegt: dit gaan we doen, want hier krijgen wij energie van. Dat we op die manier te werk gaan. Oók dat is vrijheid.’
Voor hem ligt de kracht van Korein in de pedagogiek. ‘Momenteel zijn we bezig met ons spelaanbod, maar de basis zit voor mij in de pedagogische veiligheid. Dat herhaal ik ook vaker naar mijn team: wij hebben de kennis. Bij andere sport-bso’s zijn kinderen misschien vaker buiten, maar daar ontbreekt echt de kwaliteit in pedagogiek. Laten we dat tot onze basis maken. Dan komt de rest vanzelf.’
Mannelijk
Mannen in de kinderopvang zijn op meerdere vlakken een veelbesproken thema. Volgens Theun spelen traditionele rolpatronen daarin nog steeds een rol. ‘Dat zit nog diep in onze cultuur, denk ik. Vrouwen voeden kinderen op. Ik denk dat het voor veel mannen te soft voelt om met kinderen te werken. Dat het niet stoer of masculien genoeg is. Terwijl het dat juist wél is.
Als je kijkt naar een bso waar veel buiten wordt gedaan, zie je ook dat daar meer mannen werken. Dat heeft dan meer een scouting-status: vuurtje stoken en hutten bouwen. Het is nu nog erg zwart-wit, maar ik denk wel dat er een shift komt. Dat zie ik ook bij het voetbal. Daar spreken mannen zich nu ook meer uit en wordt er meer gesproken over mentale klachten.’ Zelf is hij geïnteresseerd in de combinatie psychologie en spiritualiteit. ‘Psychologie is erg onderzoekend, spiritualiteit ligt meer op gevoel. Dat samen is juist heel erg krachtig. Echte mannen huilen wel.’
Spiritueel
Die open houding komt ook terug in zijn manier van leidinggeven. ‘Ik ben wel echt een people manager. Ik zal vooral vragen: wat willen jullie, waar ligt jullie kracht? In plaats van: zo moet het en dit gaan we doen. Ik haal graag de energie uit de mens. Daar ben ik heel bewust mee bezig. Dat is ook wel mijn persoonlijkheid: ik ben veel bezig met spiritualiteit. Ik vind het fijn om op mijn spijkermat te liggen en naar muziek te luisteren. Die rust probeer ik dan ook echt mee te nemen.’
Voordat Theun bij de bso begon leefde hij een stuk vrijer, vertelt hij ons. ‘In de tijd na mijn ggz-periode, hadden mijn vriendin en ik bewust geen woning. We kochten een busje en reisden door Portugal, Frankrijk en Duitsland. Het heeft ons veel gebracht, maar ook doen beseffen dat we niet veel nodig hebben voor een fijn leven. Voor een stuk rust hebben we nu gekozen voor meer vastigheid. Al wonen we nog steeds antikraak.’
Vrijheid is voor Theun de kern van alles: ‘Ook al heb je een vaste plek, je kunt nog steeds vrij zijn. Iedereen lijkt het woord vrijheid een beetje te schuwen, alsof iedereen dan amok loopt. Maar ik ben van mening dat wanneer je vrijheid geeft aan je medewerkers en aan de kinderen, ze juist meer tot de bloei komen.’